ACM over terugleverkosten zonnepanelen: logisch, maar onnodig ingewikkeld

Zonnepanelen zijn inmiddels zo ingeburgerd dat zelfs het elektriciteitsnet er soms een lichte burn-out van krijgt. Niet omdat zonnestroom slecht is, maar omdat al die netjes opgewekte kilowatturen ook verwerkt moeten worden. En ja, dat kost geld. Volgens de Autoriteit Consument & Markt zijn de terugleverkosten die energieleveranciers rekenen voor zonnepanelen daarom niet onredelijk. Geen graaierij, geen complot, gewoon kosten die ergens moeten landen. En als de markt zich een beetje normaal blijft gedragen, gaan die kosten ook niet ineens door het dak.

Waar het voor veel huishoudens met zonnepanelen misgaat, is niet de terugleverkost zelf, maar de manier waarop die wordt gepresenteerd. Elke energieleverancier lijkt zijn eigen creatieve interpretatie te hebben van transparantie. De één rekent een vast bedrag, de ander een staffel, weer een ander verstopt het in een tarief waarvan je pas na drie koppen koffie begrijpt wat er staat. Het resultaat: energiecontracten vergelijken voelt voor veel mensen als het oplossen van een sudoku zonder cijfers.

Sinds 2023 brengen steeds meer energieleveranciers terugleverkosten in rekening voor zonnestroom. Dat is geen nieuw fenomeen en ook geen verrassing. De ACM heeft hier al meerdere keren onderzoek naar gedaan en kwam telkens tot dezelfde conclusie: leveranciers maken daadwerkelijk kosten voor het verwerken van teruggeleverde stroom en het doorberekenen daarvan is verdedigbaar. Omdat de kosten bleven stijgen, is er opnieuw diep in de boeken gekeken. Zestien energieleveranciers leverden informatie aan en bij een aantal werd zelfs op locatie gecontroleerd hoe die kosten precies tot stand komen.

Uit dat onderzoek blijkt dat de verschillen tussen leveranciers kleiner zijn dan veel mensen denken. De kosten voor teruggeleverde zonnestroom liggen dicht bij elkaar en zijn goed te verklaren. Huishoudens met zonnepanelen betalen daarmee niet mee aan onbalanskosten van zonneparken of aan problemen door een vol stroomnet. Wel is zichtbaar dat leveranciers deze kosten steeds meer exclusief bij zonnepaneelbezitters neerleggen. Daardoor zijn de terugleverkosten gestegen, maar inmiddels lijkt er een stabiel niveau te zijn bereikt. Verdere verhogingen liggen volgens de ACM niet voor de hand.

Tegelijkertijd verandert het speelveld voor zonnepaneelbezitters. Met het afbouwen van de salderingsregeling richting 2027 wordt het financiële voordeel van zonnepanelen minder vanzelfsprekend. De nieuwe logica is simpel: hoe meer zonnestroom je direct zelf gebruikt, hoe beter. Dat maakt dynamische energiecontracten voor sommige huishoudens interessant. Deze leveranciers maken vaak minder kosten voor teruglevering, waardoor de terugleverkosten lager zijn of zelfs ontbreken. Daar staat tegenover dat dynamische tarieven flink kunnen schommelen. Het is dus geen spel voor iedereen, maar wel voor wie weet waar hij aan begint.

De rode draad is duidelijk. Er is veel keuze voor huishoudens met zonnepanelen, maar die keuze is niet altijd even overzichtelijk. Leveranciers mogen hun terugleverkosten op verschillende manieren berekenen, maar voor consumenten maakt dat vergelijken lastig. Daarom pleit de ACM voor een eenduidige aanpak: terugleverkosten berekenen per kilowattuur teruggeleverde stroom. Geen creatieve constructies, geen verborgen rekenmodellen, gewoon helderheid. Soms is de meest ingewikkelde energievraag namelijk op te lossen met een verrassend eenvoudige gedachte.

By Shehbaz Khan

Shehbaz maakt complexe materie verteerbaar waar anderen verdwalen in jargon. Met een bijna poëtische manier van formuleren weet hij ingewikkelde onderwerpen begrijpelijk te maken.

Leave a comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *